PAKEPRAAT.voetbalpraat

Roel Oostra

Hommo Hof

Loch Ness

BEELDSCHOON

DE NAAKTEN NAAKT

PAKEPRAAT.voetbalpraat

Als bankzitterende-voetballiefhebber heb ik met veel genoegen de wedstrijden van het Nederlands elftal tegen Duitsland en Estland gekeken Twee maal winst : vier twee en vier nul. Twee maal feest in huize Oostra. De heer des huizes in zijn nopjes met de winst, de vrouw des huizes dat ze de afstandsbediening van de TV weer mag bedienen.
Maar hoe graag ik ook een mooie wedstrijd mag zien, hoe ik ook kan genieten van spelers die ware kunststukjes met een bal uithalen, toch kriebelt vaak de gedachte in mijn achterhoofd dat voetbal al lang geen spelletje meer is. Dat het ‘big business’ genoemd mag worden waar miljoenen in omgaan. Waar Russen en Chinezen financieel spartelende Nederlandse voetbalclubs opkopen, waar spelers voor enorme bedragen worden verhandeld. Als simpel burgermannetje denk je dan wel eens hoe kan dat allemaal. En als de boerenleenbank, pardon de RABObank,. officieel publiceert geen zaken meer met professionele voetbalclubs te willen doen dan komt toch de gedachte van zwart geld en witwassen bij je boven.
Maar ja, je kunt er toch helemaal niets aan doen, dus nestel je je maar weer op de bank om de volgende interland te bekijken. Het volk wil brood en spelen zong Jules de Corte indertijd.
Wat er naast de wedstrijden trouwens ook als koek ingaat zijn de ‘bon mots’, de ‘quotes’, de ‘zegjes’ uit de voetbalwereld. Ik heb een boekje vol onvergetelijke uitspraken van Johan Cruijf. ‘Als wij de bal hebben, kunnen zij niet scoren’, ‘Als je ergens niet bent, ben je óf te vroeg óf te laat’. Zo nu en dan blader ik er met veel genoegen doorheen.
Mijn broer verraste me onlangs op mijn verjaardag met nog zo’n soort boekje. Had de grappige titel ‘Ik ben getrouwd met voetbal en ga vreemd met mijn vrouw’. Ruim honderd bladzijden vol quotes van trainers, spelers en bestuurders uit voetballand. Een aanradertje, verkrijgbaar in de boekwinkel.
Ieder kent wel ‘Ben ik nu degene die zo slim is, of ben jij zo dom’ van trainer Louis van Gaal. maar ik wist niet dat onze eigen Foppe de Haan eens heeft uitgeroepen ‘Het gros van de voetballers, zeg maar zo’n driekwart, is gewoon stom’.
Van scheidsrechter Pieter Vink lees ik ‘Als ik een zoon had en die zou op z’n vijfde zeggen : Papa, ik wil scheids worden, dan ging ik met dat kind naar een psychiater’. Toen trainer Trond Sollied bij Heerenveen werd ontslagen zei hij :’ Vergeef hen Heer, ze weten niet wat ze doen’.
Kortom het is voor een voetballiefhebber een kostelijk boekje. Hoe vindt u tot slot dit doordenkertje van de lange en slungelige Engelse internationaal Peter Crouch, gezegend met een beeldschone vriendin, op een vraag van een journalist wat hij zou zijn geworden als hij geen profvoetballer was geweest : ‘Waarschijnlijk maagd !’
Roel Oostra