PAKEPRAAT.dag 2020

Roel Oostra

Pakepraat.Kunstje

Pakepraat.Kunst

Hommo Hof

MANNEN ZING MEE

Loch Ness

PAKEPRAAT.dag 2020

De geur van illegaal vuurwerk en carbid hing nog scherp boven het platgetreden bospad. De naamloze oude man, nooit verder gekomen dan nummer 2020, met slierten mist in zijn warrige baard, snoof verachtelijk door zijn haviksneus, die door het kraantje van de ouderdom druppel voor druppel de sappen van zijn krakkemikkig geworden lichaam begon te verliezen. Hoestend mompelde hij tegen zichzelf : ‘Blijf in beweging ouwe jonge, je kunt de tijd niet stoppen. Nog een paar dagen. O die ellendige koude mist, mijn botten piepen en kraken, kijk toch eens wat er van me geworden is. Ach, een optimist ben ik nooit geweest . . .’ zijn gemompel veranderde in een schelle kreet.’ Opsodemieteren jij !’ en hij zwaaide met zijn stok naar Corona de Kraai die voor hem neergestreken was en hem met een wantrouwig scheel kraaloogje stond op te nemen. ‘Sodemieter op !’ riep de oude man weer, ‘Ik wil je niet meer zien. Van Maart af loop je mij voortdurend voor de voeten , van Maart af ben jij de oorzaak dat er van al de plannen in mijn jaar geen steek terecht kwam !’
En hij stampte weer woedend met zijn stok op de grond. ‘Weg wezen’, riep hij weer tegen de kraai die niet van zijn zijde week. ‘Laat me mijn laatste paar dagen toch met rust . Is het nog niet genoeg geweest’, ‘Nee nee’, kraste Corona de Kraai.’Lang niet genoeg, Amerika, Rusland, China, de hele wereld zal weten dat jij een heel slecht jaar bent’.’ Weg, weg’, riep de oude baas en hij spoog een gifgroene straal gal in de richting van het zwarte beest met de schele hatelijk gele kraalogen. Hij zwaaide nog eens met zijn stok en gaf het op, het leek net of de mist wat oploste. ‘Zat ik maar weer onder de Kerstboom’, huiverde hij. Prachtig was dat, zo lief als ze zongen, die liederen van hoop en liefde. Hij zag weer grote groepen mensen, mannen en vrouwen, kinderen en bejaarden, maar allen even ernstig en bezorgd kijkend of hun laatste euro was opgegaan aan een medicijn voor hoop,  opdat de hoop niet zou sterven in hun harten. De mist dekte weer alles toe en de oude man mompelde: ‘Laat maar zo, wat kan ik nog doen, ik ben maar een jaar, een jaar in een lange reeks en als ze 2021 halen dan halen ze 22 ook wel en nog verder als ze maar willen, als ze hun energie maar niet stoppen in dingen die er niet toe doen’. Hij was tevreden over die woorden maar de kraai naast hem lachte luid, lag op zijn rug, de poten omhoog, de hebberige bek wijd open, ja, schaterde het uit.   ‘Pas op of ik geef je een doodschop’, riep de oude man en stapte op de kraai toe. Maar die was vlugger, spreidde haar vlerken en kwam keurig op haar pootjes terecht. ‘Niets ben je’, kraste zij, ‘2020 wat een doffe ellende, wat een gezeur over teruggang, wat een verspilde ijver om elkaar de ondergang aan te praten. En mij krijg je niet weg. Je hebt nog een paar dagen , richt je tot de wereld en schreeuw dat maar uit voor radio en televisie’.
‘Inderdaad’, zei de oude man,’ dat zal ik doen, want Ik ben het jaar 2020, loop op mijn laatste benen maar laat de moed niet zakken want mijn opvolger komt eraan. Ik was een zak, maar hij niet, hij zal het maken, in goud zal zijn naam geschreven worden want hij zal jou de nek omdraaien !’
Corona de Kraai was opgevlogen en streek een paar meter voor de oude man neer. ‘Zit over mij maar niet in’, kraste ze,’ ik blijf wel. Ga toch, straks kom je nog te laat’ .   En de oude man strompelde voort tot aan het laatste uur van de één en dertigste  en gaf de estafettestok van de tijd door aan zijn opvolger, aan 2021.  En terwijl hij op dat moment stilletjes verdween in de laan der herinnering hoorde hij het knallen van de carbidbussen nog als welkom voor het nieuwe jaar.

Roel Oostra
r.oostra@chello.nl

  1. en natuurlijk van mijn kant : Beste wensen voor alle mensen !